Geboren in 1886 in Den Haag, leert de jonge Ben Viegers tekenen, verf mengen, schilderen en decoreren in de koetsenbouw werkplaats van zijn opa. Hier wordt de grondslag van zijn kunstenaarschap gelegd waarna Viegers zich als autodidact verder ontwikkelt. Aanvankelijk rekenen we zijn werk tot de nabloei van de Haagse School, zowel wat palet en stijl betreft, maar vooral door het schilderen en plein air. Viegers is altijd buiten te vinden en legt er markten, Scheveningse strandgezichten en karakteristieke stadjes aan het water vast. Na zijn huwelijk strijkt hij neer in Nunspeet op de Veluwe, waar zich een kleine kunstkolonie had gevestigd en waar hij tot aan zijn dood zou blijven wonen. Hij aardt er goed, is sociaal en raakt bevriend met onder meer Jaap Hiddink en Jan van Vuuren. Zijn stijl verandert en zijn kleurgebruik, geïnspireerd door de Franse impressionisten, wordt gewaagder. Afhankelijk van de dag en zijn stemming legt hij zijn omgeving vast in kleuren die uitdrukking geven aan hoe hij alles om zich heen ervaart. Dit leidt soms tot een expressionistisch getint palet met accenten van felrood, vurig blauw en oranje – vooral te zien in zijn schilderijen met bollenvelden waar hij grote bekendheid mee krijgt. Viegers zoekt af en toe ook het buitenland op, Kleef, Brugge en de Bretonse kust; soms op zijn Harley-Davidson met zijspan, later met een eigen auto. Als lid van de Haagse Kunstkring maakt hij alle vernieuwingen in de schilderkunst mee, maar blijft hij zijn hele leven de impressionistische stijl trouw en blijft zijn hart uitgaan naar het vastleggen van de ongerepte natuur en het boerenleven..